home »       achtergond »       methoden »       nieuws »       agenda »       login »       contact »       links »       disclaimer »


Beschikbare methoden:


Zoek op trefwoord en klik op 'OK':

OF

Kies een methode en klik op 'OK':


Omschrijving Het gaat om het bevorderen van autonomie in concrete ontwikkelingskansen, dan wel het versterken van de vaardigheden voor het leven van alledag, waaronder de sociaal-emotionele mogelijkheden. Dit gebeurt concreet in het bieden van een brug (mediator-functie) tussen kind en wereld. Deze visie is gebasseerd op de theorieën van Vygotsky en Feuerstein. Zij richtten zich op het onderwijs en breken een lans voor het uitdagen van de ontwikkeling bij mensen met een verstandelijke beperking. Centraal staat de gedachte dat kinderen die niet voldoende uit de vanzelfsprekende (directe vorm van) overdracht halen hierin ondersteuning behoeven (dus op een indirecte wijze). Taak van de mediator: de werkelijkheid toegankelijk maken voor het kind op basis van de respons van het kind. Daarbij ligt een groot accent op het kijken naar hoe het kind en omgeving interacteren. De rol van de mediator kan stoppen wanneer duidelijk is dat een kind zelf, onafhankelijk, vaardigheden kan uitvoeren, d.w.z. dat de transfer is geslaagd. Feuerstein (1921) is overtuigd dat elk kind op een hoger niveau van functioneren kan worden gebracht. Daarvoor zijn alle denkbare cognitieve functies van belang. Naast een breed gebruik van deze visie in bijv. remedial teaching, biedt ontwikkelingsgericht begeleiden een concrete opening naar de zorg voor mensen met een verstandelijke beperking. Hiervoor wordt in de alledaagse praktijk ontwikkelingsgericht materiaal gebruikt, maar zo, dat elementen uit de totale leef- (en leer-) omgeving bruikbaar zijn! De centrale vraag in een nauwkeurige, detailgerichte observatie met behulp van videobeelden is: wat is in de ontmoeting tussen kind en materiaal (omringende wereld) de ‘zone van de naaste ontwikkeling’? Het is nodig om de concrete observatie in een situatie toe te spitsen op: waarom gebruik je dit materiaal voor dit kind, waarom sluit dit bij hem of haar aan, en wat zou een eerstvolgende verandering als ontwikkelingsstimulering kunnen zijn. Voor de begeleiding zelf is dit een wezenlijk punt. De methodiek richt zich op de beweging van passief accepteren naar actief veranderen! In het boek van Van Dijk & Van Doorn staat deze rol dan ook centraal.


  • Ontwikkelingsgericht begeleiden in alledaagse situaties (P. van Dijk & E. van Doorn)
    Werkboek voor begeleiders van mensen met een verstandelijke beperking. Soest, 2004