home »       achtergond »       methoden »       nieuws »       agenda »       login »       contact »       links »       disclaimer »


  • [20150724 ]
  • Welkom
    Welkom op de site. Deze site richt zich op het inzichtelijk en toegankelijk maken van methoden die in de zorg aan mensen met een verstandelijke beperking inzetbaar zijn. Succes met je speurtocht en mocht je tips en trics hebben: laat het weten! Jac de Bruijn

  • [20110529 ]
  • Nieuwe methode ABN
    De Affectief Bewuste Benadering is een door en voor begeleiders beschreven methode waarbij de Emotionele Expressie - 'Expressed Emotion'- de kernwaarde vormt van een specifieke benadering. Uitgangspunt ligt in het je bewust zijn van het cognitieve en emotionele niveau van functioneren van de client en tegelijk ook van je eigen niveau. De methode maakt duidelijk hoe je eigen emoties en cognities van je functioneren zich verhouden ten opzichte van de client. Daarbij worden de uitgangspunten van de grondhouding van Rogers gebruikt als referentiepunt. De benadering accentueert het 'bewust' zijn van je houding. Het is mogelijk om daar winst uit te halen door je nadrukkelijker te realiseren hoe je jezelf onder controle houdt. Door hier meer aandacht voor te hebbenen er gericht mee om te gaan, bijvorbeeld door je eigen houding en die van de client goed in kaart te brengen, wordt er meer structuur geboden in de relatie. Vaak lopen begeleiders aan tegen, of juist over hun grenzen. De Affectief Bewuste Benadering helpt om een balans te vinden in de omgang met de ander, en meer dan dat: er is de mogelijkheid om deze balans functioneel in te zetten in de begeleiding. Positieve en negatieve emoties komen nadrukkelijker in beeld. Het zelfvertrouwen van de begeleider zal toenemen en dat heeft direct positieve gevolgen voor het welbevinden van de client. Juist die heeft behoefte aan deze duidelijkheid. De benadering biedt ruimte om aan te sluiten bij andere methoden, zoals de oplossingsgerichte benadering en de competentiemethode.

  • [20110413 ]
  • MST voor LVG
    Op 27 april is de startbijeenkomst van een speciale variant van multisysteemtherapie (MST), MST is een effectieve methodiek voor jongeren tussen 12-18 jaar met forse oppositionele gedragsproblematiek. Veel van hen staan onder voogdij en worden niet zelden uit huis geplaatst. Een gerichte gezinsbehandeling kijkt naar de krachten die de problematiek in stand houden en naar de krachten die gericht deze problemen kunnen helpen oplossen. Zo kan erger worden voorkomen en kan perspectief op een normaler leven komen. Voor jongeren met een lichte verstandelijke beperking ontbreekt een dergelijke outreachende aanpak. Daarvoor wordt nu door Stichting Prisma (NBr) een initiatief genomen in samenwerking met De Viersprong (Halsteren) en MST-Nederland. Belangstelling? Info: kvuyst@prismanet.nl

  • [20110306 ]
  • Antipsychotica bij gedragsproblemen
    In Katern, bijlage Markant maart 2011, staat een artikel over de werkzaamheid van antipsychotica bij gedragsproblematiek. 32% van bewoners gebruiken deze middelen en vooral de lange duur ervan is zorgwekkend. Er is nu uitgebreid onderzoek gedaan naar de 'evidence' ervan vanuit de NVAVG. Een belangrijk element dat uit het onderzoek naar voren kwam is o.m. de tekortschietend psychodiagnostiek. Zie Kenniskatern Markant, p. 4-7.

  • [20110306 ]
  • Richtlijn NAH
    In de laatste Markant, 2011, maart, p. 22-24, staat een artikel over de ontwikkeling van een richtlijn voor NAH gericht op kinderen met NAH. 14 zorginstellingen zetten zich in om tot een verbetering van de (h)erkenning van zorgvragen vanuit kind en gezin te komen en aangepaste vormen van ondersteuning te versterken, zoals intensieve orthopedagogische gezinsbehandeling (IOG).

  • [02 01 2011 ]
  • Han Nakkelezing
    Onder de titel "Niet in evenwicht, behandelingsvormen voor kinderen met ernstige meervoudige beperkingen" heeft Carla Vlaskamp de eerste Han Nakken Lezing uitgesproken op 6 december 2010. De Han Nakken Lezing is een eerbetoon aan prof.dr. Han Nakken, overleden in 2010, pionier op het gebied van onderzoek en zorg voor mensen met een ernstige verstandelijke en meervoudige beperkingen. De lezing is een initiatief van het Research Centre on Profound and Multiple Disabilities (PMD). Info: www.rug.nl/researchpmd Bron: NTZ, 4-2010, p. 306

  • [1 maart 2010 ]
  • Competentieprofielen
    In Markant (februari 2010, p. 33) besteedt Martin Schuurman aandacht aan de nieuw verschenen competentieprofielen in de gehandicaptenzorg. Hoe positef deze ook mogen zijn, er zijn nadrukkelijk tekorten, en de vraag is of deze profielen ook 'toekomstbestedig' zullen blijken. De vooral op de relationele aspecten benodigde benadering ontbreekt!

  • [6 december 2009 ]
  • Methodisch werken op Kennisplein gehandicaptensector
    In een 'Stappenplan voor het invoeren van (nieuwe) methodieken en werkwijzen in de praktijk' brengt het www.kennispleingehandicaptensector.nl een handreiking 'Met kleur aan het werk' (auteurs: Petra Stienstra, Hilair Balsters & Pauline van Tienhoven, red.) in de vorm van een handzame waaier. Daarin staan 6 stappen per waaierblad uitgewerkt met tips en valkuilen om een methodiek in te voeren. Een handige waaier, die je bij de les houdt. De eerste stap is het minst uitgewerkt, en dat is wellicht een wat onderbelicht punt: de redenen om een methode in te zetten. Daar valt meer over te zeggen lijkt me. De overige stappen bieden meer houvast!

  • [21 september 2009 ]
  • Impressie MHID congres Amsterdam 2009
    7th European Congress of Mental Health in Intellectual Disability (3/4/5 September 2009

    Na het wereldcongres in Kaapstad was de eerstvolgende gelegenheid om ‘state of the art’ - ontwikkelingen binnen de eigen context te bezien het regionale Europese congres in Amsterdam. Dat maakt de kans op het weerzien van bekende gezichten aanzienlijk groter en dus ook op uitwisseling. Zo waren er bekende gezichten en namen, was er een goed overzicht van het geboden programma en waren er ook vertegenwoordigers van buiten Europa. Ik geef mijn bescheiden ervaringen van twee dagen deelname (4/5 september).
    De keynotesprekers waren goed! Gaven hier en daar prikkelende kanttekeningen en onderstreepten het belang om aandacht te besteden aan de geestelijke gezondheidzorg voor mensen met een verstandelijke beperking.
    De precourse van psychiater Martin van de Berg (Talant) over de stand van zaken binnen de psychiatrie was helder en overzichtelijk: m.n. de beperkingen in de pharmacotherapeutische mogelijkheden kwamen voor het voetlicht. De psychiatrische bijdrage aan de GGZ van mensen met een VB is aanzienlijk toegenomen, maar het is nog geen eenvoudige stap van de reguliere psychiatrie naar deze psychiatrie. In andere landen binnen de EU ligt dit hetzelfde, of is nog moeizamer.
    De inleiding van Rutger Jan van der Gaag accentueert het belang van (mens)waardigheid en waardigheid in de benadering van mensen met een VB. Hierbij werd het concept ‘mentaal kapitaal’ geïntroduceerd. Iemand die er wat mij betreft uitsprong in de keynote-sprekers was Henri-Jacques Stiker, die op existentialistische wijze duidelijk maakte dat we er nog niet bepaald zijn in onze omgang met mensen met een VB: zijn we ze liever kwijt dan rijk, zien we ze liever niet dan wel!? Welke humanistische waarden worden aangesproken en hoe vertalen we dan ‘waardigheid’ (dignity) en ‘mentaal kapitaal’? We zullen onszelf bij voortduring bewust moeten zijn van de kernwaarden van humaniteit en de negatieve belevingen over mensen met een beperking vooral ook bij onszelf onder ogen moeten zien om recht te doen aan die vreemde ander. Het was de meest tot de verbeelding sprekende bijdrage van het congres, en: het was een Franse bijdrage! Dat was bijna een unicum. De uitdagende woorden werden goed ‘opgevangen’ door Johan de Groef, die als co-referent de kern helder aanpakte. Er bleef discussie in de gelederen. Zo hoorde ik om me heen dat we toch beter gewoon weer konden spreken over ‘zwakzinnigen’ in plaats van ‘vergoelijkende’ terminologie gebruiken. Anderen vonden het ‘typisch Frans’, d.w.z. te filosofisch.
    Persoonlijk vond ik het aangenaam om even met een andere bril naar mijn werkelijkheid te kijken en op een ander been te worden gezet (in termen van beperkingen gesproken). De bijdrage van Valerie Sinason was interessant, gezien het thema: ‘psychotherapy and mental health’, maar bood geen nieuwe inzichten.

    De programma’s boden volgens de beschrijving een breed aanbod aan bijdragen op alle kwaliteitsdomeinen, van vooral Duitse, Engelse en Nederlandse bijdragen.
    Het geheel overziende, d.w.z. na het bijwonen van 4 programma-onderdelen met elk tenminste 4 presentaties, moet ik met enige schrik vaststellen dat het me niets heeft ‘opgeleverd’. Alhoewel een beperkt aantal ‘interessant’ was (VU-onderzoek binnen het Attachementprogramma van Schuengel, Sterkenburg e.a.), zodat we op de hoogte waren van lopend onderzoek, bleken de meesten geen goed inhoudelijk verhaal te hebben.
    Teleurgesteld ben ik over de kwaliteit van deze bijdragen en de wijze van presenteren. Het niveau was beduidend laag en het waren er veel te veel binnen de gestelde termijn! Misschien had ik te hoge verwachtingen. De uitwisseling ontbrak bij nagenoeg alle presentaties. Ook de co-referenten zouden deze rol hebben, maar dit kwam niet tot uitdrukking. Daarbij was er regelmatig ‘geklungel’ met vertalingen. Er was wel veel ruimte tussen de programma’s door, voor ontmoeting, maar dat nam de inhoudelijke tekorten niet weg: bij de ontmoetingen kwam dat regelmatig naar voren! Ik stel vast dat Amsterdam 2009 een gemiste kans is! Maar misschien zijn er teveel MHID congressen: er is eenvoudigweg nog niet zoveel nieuws te melden binnen de 2 jaar. Ook dat is een teken aan de wand!
    J. de Bruijn

  • [september 2009 ]
  • Oplossingsgericht Werken - recensie
    Oplossingsgericht Werken ‘lost’ zelf niets op!
    Het Handboek Oplossinggericht Werken van John Roeden en Frederike Bannink wil als nieuwe en aanvullende methodiek de behandelingsmogelijkheden voor mensen met een (lichte) verstandelijke beperking verbreden. Het boek biedt een richting maar nog onvoldoende scherpte. Na een beknopte samenvatting wil ik op onderdelen aandacht besteden aan de voors en tegens.

    Samenvatting Oplossingsgericht Werken
    Kort en goed: problemen worden niet meer vanuit de beperking van ‘het probleem’ gezien, maar er wordt concreet en praktisch gekeken naar hoe mensen problemen oplossen en wat ze zelf aan mogelijkheden, cq. vaardigheden hebben. Er is ‘een fundamenteel verschil tussen het denken en handelen gericht op het oplossen van problemen en dat wat gericht is op het uitwerken van oplossingen’. Mensen hebben zelf hun hulpbronnen. Voor zover deze mochten ontbreken, kunnen we deze wellicht vergroten of versterken, dan wel de situatie op een oplossingsgerichte manier bezien. Zo ligt alle aandacht bij de (competenties van de) cliënt zelf. De behandelaar of begeleider heeft tot taak om deze aandacht goed vorm te geven en concreet te helpen focussen op de oplossing. Dat gebeurt stapsgewijze en met behulp van een arsenaal (1001!) oplossingsgerichte vragen. Deze werken als ‘schouderklopjes en hints’. De behandelaar is ‘gids met een focus op de toekomst’! Het type vraag wordt bepaald door ca. zes verschillende elementen die een rol spelen in het therapeutisch proces: ‘naar verandering vóór het eerste gesprek; naar uitzonderingen op de problemen; naar het doel van wat men wil; naar ‘En wat nog meer?’; schaalvragen; en naar competenties’. Een kernvraag is de zgn. ‘wondervraag’: Wat zou er anders zijn wanneer je morgenochtend opstaat en alle problemen zijn opgelost? Naast de type vragen wordt rekening gehouden met degene aan wie je vragen stelt: ‘bezoeker, klager of klant’. Oplossingsgericht werken lijkt vooral een verbaal gerichte benadering. Maar Roeden en Bannink (R&B ) wijzen ook op alternatieve vormen: verhalen, drama, werken met dieren, tekeningen, muziek, video, e.d.! Het handboek is goed leesbaar overigens, opgeluisterd met allerlei casuïstiek.

    Bronnen R&B wijzen voor de oorsprong van de methodiek op verschillende bronnen. Zo wordt vanuit Amerika de Solution Focused Therapie (SFT) vanaf de jaren tachtig ontwikkeld. Insoo Kim Berg en Steve Shazer werken hun weerstand tegen bestaande psychotherapieën om in een manier die ‘focussed op hoe mensen oplossingen vinden’. Eerder hebben communicatie- en systeemtheorieën (Palo-Altogroep o.l.v. Watzlawick cs.) de beperkingen van menselijke systemen in kaart gebracht: een oplossing van een probleem is al snel een onderdeel van het probleem. Naast Berg en Shazer is Selekman bij R&B een belangrijke bron voor het Oplossingsgericht Werken. Dat is feitelijk O’Hanlon nog meer, die regelmatig geciteerd wordt. Als bronnen noemen ze ook het sociaal-constructivisme en de cognitieve gedragstherapie. Op deze laatste kom ik nog terug. Inmiddels is de ‘solution focused’ benadering zeer breed ingezet, in de meest uiteenlopende vormen van behandelingen, doelgroepen, organisaties, bedrijven, onderwijs, e.d. Dat levert dan wel een onontwarbare kluwen van steeds een net iets andere invalshoek. Hoe begrijpelijk ook, dit vraagt wel om een aanscherping van de basis en specifieke aspecten van de methodiek. R&B beschrijven voor de onderbouwing een beperkt aantal onderzoeken en wijzen op de noodzaak van aanvullend (evidence based) onderzoek. Ik ontkom echter niet aan de indruk dat ze de uitkomsten van onderzoek te positief labelen (vgl. p. 39vv en 299vv). Opvallend in het vermelden van bronnen is het ontbreken van de humanistische psychologie en de bij het Oplossingericht Werken veel gebruikte aspecten van de client-centered benadering. Sterker nog, O’Hanlon noemt deze methode een ‘Carl Rogers with a twist’ (p.196).

    Oneigenlijke tegenstellingen
    Dat brengt me direct bij een opvallend punt: de door het Handboek nadrukkelijk naar voren geschoven tegenstelling tussen ‘probleem- en oplossingsgeoriënteerde’ benaderingen. Waar de laatste, getuige het Handboek, uitzonderlijk veel gebruik maakt van goed ontwikkelde behandelingsvormen, niet in het minst de ‘probleemgerichte’ gedragstherapeutische, maar ook de compententie-, narratieve - en client-centered benadering, etc. is compleet onduidelijk waarom deze tegenstelling wordt opgevoerd. Het lijkt me niet helemaal ‘fair’ om daar je sterkte in te zoeken. In de uitgangspunten gaat het in de kern om ‘hoop en respect’ voor de cliënt . Dat lijkt me voor alle andere benaderingen eveneens het geval! Er wordt door de nadruk op de tegenstellingen, verwarring gezaaid wanneer andere therapievormen worden gebruikt om de eigen benadering te onderbouwen. Dat wordt nog lastiger wanneer er een onderscheid wordt gemaakt tussen Oplossingsgerichte CGT en Probleemgerichte CGT.
    Waarvoor is Oplossingsgericht Werken namelijk een oplossing? Dat suggereert een probleem, nl. dat de bestaande behandelingsvormen onvoldoende zijn, ongeacht nog de redenen daarvan. Dat blijkt ook bij diegenen die aan de basis ervan liggen: forse kritiek op de bestaande praxis. Op welke praxis is dan concreet kritiek? R&B werken dit onvoldoende uit, maar beter was het nog om de ‘tegenstelling’ weg te laten en uit te gaan van eigen kracht, m.i. de kern van het Oplossingsgericht Werken. In dat geval zou het sterker geweest zijn om de kernwaarde van bestaande praktijken aan te vullen met die van Oplossingsgericht Werken zoals O’Hanlon aangeeft.

    Onvoldoende scherpte.
    Oplossingsgericht Werken heeft een sterke component: ‘de 1001 vragen’ die binnen het therapeutisch proces specifiek kunnen worden ingezet en dat elk gesprek gewoon het ‘laatste’ kan zijn. Daar ligt m.i. de grootste praktische meerwaarde. Cliënten en teams hebben daar wat aan! Ze worden in staat gesteld hun eigen problemen op te lossen. Daar blijkt dan ook uit hoezeer controle over eigen leven en eigenwaarde samenhangen, iets wat binnen andere benaderingen ook is terug te vinden. Daarbij sluiten R&B aan op de fors ingezette emancipatorische ontwikkeling in de zorg, die inmiddels ook volop dilemma’s teweegbrengt. Ik maak inhoudelijk echter een paar kanttekeningen bij het Handboek.
    - Wat is nieuw? Veel technieken zijn direct terug te voeren op door allerlei therapieën gehanteerde gesprekstechnieken, zover niets nieuws. Dat geldt nog veel meer voor de veelvuldig geciteerde cognitief gedragstherapeutische principes: die zijn hier overbodig, en, opnieuw: verwarrend.
    - Er is mogelijk een contra-indicatie voor autisme (p.42)? Later wordt echter verwezen naar een onderzoek waar de benadering bij autisme wel effect had!(p.233)
    - Analyse van verleden is overbodig: het gaat om het hier en nu en straks. Opvallend genoeg is de analyse wel nodig wanneer het gaat om het vinden van oplossingen, nl.: welke oplossingen zijn bij welke problemen in het verleden gebruikt!
    - Voorafgaande aan het eerste gesprek lijkt het vaak beter te gaan, aldus R&B. De praktijk laat zich m.i. echter veelal omgekeerd zien! Er ligt geen onderzoek aan ten grondslag.
    - ‘Weerstand’ als therapeutische factor is geen bruikbaar begrip (p.30) maar wordt wel gebruikt en weer ten tonele gevoerd als ‘nuttige informatie’ (p.64). Het is m.i. nog onduidelijk dat weerstand hier mogelijk als vorm van overdracht wordt bedoeld.
    - Hoe om te gaan met weigering of motivatieproblemen is vanuit het Handboek niet eenduidig beantwoordbaar: de methode sluit kennelijk niet aan, of de cliënt vertoont na drie gesprekken onvoldoende vooruitgang. M.i. blijft het dan vanzelf een ‘kortdurende therapie’. Wellicht is een combinatiebehandeling mogelijk, maar hoe kun je nu tegelijkertijd Oplossingsgericht én Probleemgericht zijn?
    - Onvoldoende duidelijk wordt de cliënt-therapeut relatie geëxpliciteerd, noch op welke wijze de non-specifieke en specifieke factoren van het Oplossingsgericht Werken in die relatie vorm en inhoud krijgen. Dat wordt in hoofdstuk 4 niet gedaan.

    Samengevat meen ik dat er een duidelijke keuze voor ligt: de oplossingsgerichte benadering is óf een ‘twist van Carl Rogers’ óf een specifieke vorm van cognitieve gedragstherapie óf een duidelijke specifiek te onderscheiden methode! Er valt aan scherpte alleen nog maar te winnen.
    Jac de Bruijn, GZ-psycholoog, als behandelaar werkzaam bij Prisma, zorgorganisatie voor mensen met een verstandelijke beperking en als docent verbonden aan het Erasmus MC.

  • [30 november 2008 ]
  • Kaapstad 2008
    Het IASSID-congres 2008, augustus 2008, was met 823 bezoekers (all-in) mager bezocht! Daarmee hebben vooral de afwezigen een aantal fundamentele en goede bijdragen gemist. Met name de situering van mensen met een verstandelijke beperking in relatie tot armoede was een kernpunt. De plenaire bijdragen richtten zich in hoge mate op het beter in beeld brengen daarvan. Dat dit voor Zuid Afrika een goede keuze was, spreekt vanzelf. De thematiek die mij het meeste aansprak was die rondom gedragsproblemen en de toenemende zorg rondom de juiste diagnostiek, de met kleine stappen verbetering van interventies en behandeling en het verbeterde zicht op wat nodig is: een nadrukkelijker rekening houden met de ondersteuningsvraag in plaats van met de financieringsvraag. Kwaliteit voorop dus. De Nederlandse delegatie was prominent aanwezig, wat naast de Britse een evenzo goede kwalitatieve aanvulling was (denkend aan het werk van collega's van ASVZ). Dat was ook aan de orde in bijdragen rondom rechten en ethische vragen van vrijheidsbeperkende maatregelen: de nadruk moet liggen op de authentieke bedoelingen ervan! Bijzondere aandacht wil ik vestigen op het werk van Embregts e.a. gericht op teamversterking/coaching om veranderingen op gang te brengen die er toe doen. Dat sloot aan bij de nog steeds op het individu gerichte benaderingen. Naast het gegeven dat de afwezigen e.e.a. gemist hebben, stel ik vast dat wij ook goede bijdragen van Amerikanen, Italianen, Oost-Europeanen, Aziaten e.a. moesten missen!!! Een uitdaging voor 2012. J. de Bruijn.

  • [ ]
  • Interessante sites
    Uit: Markant, november 2006
    Competentiessite: 13 beroepsprofielen in beeld: www.competentieweb.nl

    Tip via L. de Haan: wetenschappelijke artikelen:
    www.medicalnewstoday.com

    Nieuwe site van het CCE: www.cce.nl
    Nieuw: www.kennispleingehandicaptensector.nl

  • [20121021 ]
  • Kwaliteit van zorg en bestaan!
    Audry van Vulpen en Pieter Verdoorn hebben in hun publicatie 'Werken aan kwaliteit van bestaan - bouwstenen voor inclusief ondesteunen' een aantal relevante methoden ingezet. Er wordt a.d.h.v. de keuze voor het versterken van inclusie gekozen voor die methoden die daar het meest open en versterkend in zijn. Zoals EIM, Oplossingsgericht Werken, Active Support e.v.a. Een belangrijke aanvulling op de ondersteuning van de directe zorgrelaties!

  • [20110102 ]
  • Nieuw Lectoraat Hogeschool Leiden
    Het lectoraat van de Hogeschool Leiden en de Willem Schrikkergroep gaat zich de komende jaren inzetten om de kennis over LVG te vergroten, o.m. door onderzoek en ontwikkeling van adequate instrumenten voor sociale informatieverwerking, interventies en ondersteuningsmethoden. Bron: NTZ, 4 - 2010, p. 307.

  • [ ]
  • Vernieuwde sites!
    De vernieuwde site van Ondersteuningsstructuur (Belgie) is in de lucht: www.osbj.be!
    Ook nieuw voor gratis advies: www.klik.org!
    Bron: vlaams tijdschrijft voor orthopedagogiek.
    Jac de Bruijn